
Op deze pagina leggen we uit hoe het TIDE onderzoek werkt en beantwoorden we de veel gestelde vragen over het TIDE onderzoek.
Heb je meer vragen of wil je in contact komen met de onderzoekers? Email dan naar:
TIDEonderzoek@AmsterdamUMC.nl of klik op de knop hieronder.
Waarom doen jullie dit onderzoek?
Het doel van het onderzoek is om erachter te komen of depressiesymptomen bij sommige vrouwen* erger worden in de week voor de menstruatie. Dit noemen we ook wel “premenstruele verergering” of PME van depressie. Eerder onderzoek laat zien dat bij ongeveer 50 tot 60% van de vrouwen hun depressiesymptomen erger worden in de week voor ze ongesteld moeten worden. Ze merken bijvoorbeeld dat ze die week extra last hebben van somberheid, moeheid of een slecht zelfbeeld.
In dit onderzoek willen we graag onderzoeken hoeveel vrouwen* last hebben van PME bij depressie, dus hoeveel vrouwen merken dat hun depressieklachten erger worden voor ze ongesteld worden. We willen ook weten of het haalbaar is om dit te meten met dagelijkse dagboekjes en of deelnemers dit nuttig en haalbaar vinden.
*Iedereen die menstrueert kan last hebben van premenstruele verergering; dus ook mensen die zich niet identificeren als vrouw. Om deze informatiebrief zo begrijpelijk mogelijk te maken voor een breed publiek zullen we verwijzen naar “vrouwen”, maar we benadrukken dat ook personen die zich niet identificeren als vrouw mee kunnen doen met het onderzoek.
Wie kan er meedoen aan dit onderzoek?
Je kan meedoen aan het TIDE onderzoek als je:
– Tussen de 18 en 45 jaar oud bent;
– Een regelmatige menstruatiecyclus hebt (en elke 25-35 dagen ongesteld bent);
– Depressieve klachten hebt en daarvoor in behandeling bent
Je kan niet meedoen aan het TIDE onderzoek als je:
– Als je hormonale anticonceptie (zoals de pil, of een hormoonspiraal) gebruikt.
– Als je actief bezig bent met een kinderwens vervullen of als je probeert zwanger te worden.
Wat moet ik doen als ik meedoe aan het onderzoek?
Als je meedoet aan het onderzoek, vragen we je om drie vragenlijsten in te vullen: de baseline-vragenlijst, de menstruatievragenlijsten en de evaluatievragenlijst. Verder vragen we je om 2 tot 3 menstruatiecycli, dus ongeveer 2 tot 3 maanden lang elke dag een kort dagboekje in te vullen waarin je aangeeft hoe het met je gaat.
De baseline-vragenlijst
De eerste vragenlijst vul je in wanneer je begint met meedoen met het onderzoek. Hierin staan vragen over jezelf, over je voorgeschiedenis en verleden, en je verleden met betrekking tot menstruatie, anticonceptie en zwangerschap. Deze vragenlijst duurt ongeveer 20 tot 30 minuten.
De menstruatievragenlijst
Deze vragenlijst vul je elke menstruatiecyclus in op de dag dat je ongesteld bent geworden en 10 dagen nadat je ongesteld bent geworden. Je vult deze vragenlijst in totaal 4 keer in. In deze vragenlijst vragen we naar klachten die je kan hebben rond je ongesteldheid, zoals somberheid, moeheid of zere borsten. Deze vragenlijst duurt ongeveer 5 minuten.
De dagelijkse dagboeken
De dagelijkse dagboekvragenlijsten vul je in op je telefoon. Met de vragenlijstjes willen we graag onderzoeken of er bij jou veranderingen zijn in je depressieklachten gedurende je cyclus. In dit dagboek vragen we of je ongesteld bent geworden, hoe je je voelt en hoe het met je gaat. Het invullen van het dagboek kost ongeveer 5 minuten per dag. Je vult 2 tot 3 maanden lang elke avond dit dagboekje in.
De evaluatievragenlijst
Aan het eind van het onderzoek sturen we je een rapport van al jouw eigen dagboeken, waarin je zelf kan zien of je klachten veranderen gedurende je cyclus. Daarna krijg je de evaluatievragenlijst. In deze vragenlijst kun je ons vertellen hoe je het vond om mee te doen aan het onderzoek, hoe nuttig je het rapport van jouw metingen vond en of je het rapport van jouw dagboeken nog hebt laten zien aan naasten of je behandelaar. Het invullen van deze vragenlijst kost ongeveer 15 minuten.
Wat krijg ik als ik meedoe aan het onderzoek?
Je krijgt geen vergoeding voor meedoen aan het onderzoek. Je krijgt wel zelf een samenvatting van je dagboekjes, zodat je zelf inziet of je depressieklachten veranderen tijdens je menstruatiecyclus.
Wil je een voorbeeld zien van zo’n samenvatting? Klik dan op de knop hieronder!
Als ik van gedachten verander, kan ik dan nog stoppen met het onderzoek?
Deelname aan het onderzoek is vrijwillig. Je mag tijdens het onderzoek dus altijd zelf beslissen om te stoppen. Je hoeft niet te zeggen waarom je stopt. Wel moet je dit direct melden aan de onderzoeker.
De gegevens die tot dat moment zijn verzameld, worden wel gebruikt voor het onderzoek.
Wat gaan jullie doen met de resultaten?
We slaan de onderzoeksgegevens (dat wil zeggen: alle vragenlijsten- en dagboekmetingen) op onder een code, dit heet gecodeerd opslaan. We delen je antwoorden op de vragenlijsten en dagboeken nooit met jouw behandelaar.
Als we alle resultaten hebben, gaan we analyses doen om onze onderzoeksvragen te beantwoorden. We willen bijvoorbeeld weten hoeveel deelnemers PME hebben en wat deelnemers vonden van het meedoen aan het onderzoek. Vanaf de statistische analyses zijn de onderzoeksgegevens niet meer herleidbaar naar welke deelnemer wat heeft ingevuld.
Deze resultaten schrijven we dan op in wetenschappelijke artikelen, zodat collega-onderzoekers, artsen, psychologen en andere relevante personen hiervan kunnen leren. De wetenschappelijke resultaten zullen we ook presenteren bij congressen, zodat zorgverleners hiervan kunnen leren.